Hét toonaangevende zakenplatform voor Vlaanderen

Family First – Een familiebedrijf overdragen begint met duidelijke afspraken

Een familiebedrijf overdragen gaat over veel meer dan eigendom en cijfers. In deze aflevering praat Bavo Boutsen met Stijn Ameye van The Chickenman en Kurt Vannieuwenhuysen van Family First over opvolging, vertrouwen en de rol van een familiecharter. Ze bespreken hoe je verwachtingen tussen generaties bespreekbaar maakt, welke plaats partners en andere familieleden krijgen en waarom een goede overdracht vooral begint met open gesprekken en duidelijke afspraken.

Transcriptie

[00:04] Familieoverdracht bij The Chickenman
Bavo Boutsen: Welkom bij een nieuwe podcast in samenwerking met Family First. Een familiebedrijf overdragen betekent in theorie zoveel als: op een bepaald moment zet een generatie een stap opzij en neemt de volgende over. Maar wanneer is een zoon of dochter klaar om ondernemer te worden? En wat verwacht de ouder precies van de volgende generatie? Welke plaats krijgen partners binnen het bedrijf? En hoe maak je afspraken over groei, eigendom en vermogen zonder dat de relaties aan de familietafel eronder lijden? Die vragen kwamen ook op tafel bij The Chickenman, het familiebedrijf van ondernemer Stijn Ameye. Hij bereidt vandaag de overdracht naar zijn twee zonen voor en deed daarvoor een beroep op de gespecialiseerde ondersteuning van Family First. Samen met zijn gezin doorliep hij bijna een jaar een traject dat uiteindelijk uitmondde in de ondertekening van een familiecharter. Stijn zit vandaag bij mij aan tafel, samen met Kurt Vannieuwenhuysen, de oprichter van Family First.

[00:56] Het verhaal van The Chickenman
Bavo Boutsen: Stijn, we moeten denk ik bij jou beginnen. Ik heb al even de context voorgelezen, maar we moeten daar nog wat dieper in duiken. Dus Stijn, stel eens voor: The Chickenman, wie zijn jullie juist als bedrijf? Wat doen jullie?
Stijn Ameye: Wij doen in kippen, dus wij zijn marktkramers. Ongeveer 26 jaar geleden heb ik de zaak overgenomen waar ik begonnen ben als vakantiejob. En ondertussen hebben wij vier uit de kluiten gewassen vrachtwagens waarmee wij momenteel rond het Brusselse kip aan het spit verkopen, eigenlijk.
Bavo Boutsen: En hoeveel kippen gaan er zo over de toonbank bij jullie?
Stijn Ameye: Momenteel zitten wij op weekbasis ongeveer aan drie ton kippenvlees dat erdoor gaat op een week.
Bavo Boutsen: Een schatting voor iemand die er geen kennis van heeft?
Stijn Ameye: 2.500 kippen of zoiets per week.
Bavo Boutsen: En zijn jullie daarmee een grotere speler in de marktkraam-kippenwereld?
Stijn Ameye: Begint nu toch wel, ja. Nu zitten we toch wel boven de middenmoot, zal het zo zijn.
Bavo Boutsen: En eet je zelf nog veel kip dan eigenlijk, als dat uw job is?
Stijn Ameye: Dat is een kleine anekdote. Ik ben allergisch aan kippenvlees.
Bavo Boutsen: Ah, wauw, oké. Dat had ik niet verwacht.
Stijn Ameye: Ja, inderdaad. Dus sinds mijn dertiende allergisch geworden aan alles van gevogelte.
Bavo Boutsen: Eén stukje is al een probleem?
Stijn Ameye: Eén stukje is een probleem, ja, inderdaad.
Bavo Boutsen: Dus zelf nooit van je eigen producten gegeten?
Stijn Ameye: Nooit van mijn eigen producten gegeten. Maar natuurlijk, we hebben nog andere producten: ribbekes, hammekes. We hebben meer dan genoeg, dat kan zeker.

[02:28] Van familiecharter naar bedrijfsoverdracht
Bavo Boutsen: En we zijn er vandaag om te praten over jullie overdracht. Het familiebedrijf dat wordt doorgegeven. Is dat iets waar jullie al langer mee bezig zijn? Hoe is dat op tafel gekomen bij jullie?
Stijn Ameye: Hoe is het eigenlijk op tafel gekomen? Mijn droom is dat je dat kunt doorgeven aan je kinderen. Dat je zaak, het kindje dat je gebouwd hebt, wordt verdergezet. Ik heb ooit op een traject dat ik ergens anders gelopen heb Kurt tegengekomen en gehoord van een family charter. Om eigenlijk de problemen binnen een familie, ook al wordt het niet overgenomen, maar hoe gaat het later, het geld zelfs als je het verkoopt, hoe wordt het allemaal overgedragen en zo, om dat een beetje in een family charter te gaan gieten. En zo ben ik eigenlijk in het traject gestapt zonder echt naar overdracht te gaan. Kurt heeft ons dan geïnterviewd, mij en mijn vrouw, de kinderen ook apart. En daar is eigenlijk het vlammeke bij de kinderen beginnen branden van: ja, inderdaad, kunnen we het niet overpakken en wat gaat dat met zich meebrengen, wat houdt dat in? En ja, het is eigenlijk van een traject gegaan, puur family charter, naar inderdaad een traject naar overname voor de kinderen.
Bavo Boutsen: Want je hebt twee zonen?
Stijn Ameye: Ja, twee zonen.
Bavo Boutsen: En hoe oud zijn ze vandaag?
Stijn Ameye: 21 en 22.
Bavo Boutsen: Dus ze zijn nog maar recent eigenlijk in het bedrijf gestapt.
Stijn Ameye: Ze zijn nog maar recent in het bedrijf gestapt, ja, inderdaad. In het midden van het traject zijn ze echt effectief in het bedrijf beginnen werken.

[03:52] Meer dan een overdracht op papier
Bavo Boutsen: Maar dus, je zegt eigenlijk: het idee van die overdracht is meer dan gewoon de boekhouder bellen en dat op papier regelen. Dat besef was er altijd wel dat het meer dan dat is, bij jullie? Of is dat iets wat gegroeid is?
Stijn Ameye: Dat besef was er natuurlijk altijd. Mijn vrouw komt ook uit een ondernemersfamilie. Daar is het een en ander fout gelopen. Dus we hebben wel gezien hoe het niet moet. En dat heb ik altijd tegen mijn kinderen gezegd: dat wil ik niet. Dus we hebben altijd een open mind gehad. Het is ook niet de bedoeling dat ze het bedrijf gaan krijgen. Ik wil ook later een beetje centjes als ik naar een exit toe ga. Want anders kan ik het evengoed aan iemand anders verkopen. Maar je wilt dat toch doorgeven aan je kinderen. Dus daar is wel altijd over gepraat geweest, met een heel open mind met de kinderen. Dus ze weten wel ergens waar ze staan. Maar het blijf ik die iets aan hen vertel. En ja, als je zoiets op papier zet, geeft dat toch wel aan beide partijen een gerust gemoed.

[04:50] Op tijd begeleiding zoeken
Bavo Boutsen: Oké, ik denk in ieder geval: bij Stijn is er dus niks fout gelopen. Ze zijn in zekere zin mooi op tijd aan dit traject begonnen. Ik kan me wel inbeelden dat dat in de praktijk vaak niet zo is. Bij jullie bij Family First, dat je heel vaak casussen ziet waar het eerst fout loopt en dat ze dan pas ondersteuning gaan zoeken met dat traject. Of zie ik dat verkeerd?
Kurt Vannieuwenhuysen: Nee, je ziet dat inderdaad correct. Nu, wij meten dat constant en we zitten ongeveer op een 50–50-verhouding, waarbij de partijen op tijd komen of te laat komen. Te laat komen betekent dat het kan zijn dat er al echte ruzie is, dat er kinderen niet meer naar huis komen, dat ze niet meer samen rond de tafel kunnen zitten met kerst of met een zomerse barbecue. En dan worden we gecontacteerd, of door de overlatende generatie of door de opvolgende generatie. Dat is ook ongeveer 50–50. We meten dat constant en we zitten, denk ik, op een 42–58 procentverhouding. Op tijd komen is natuurlijk voor ons veel leuker, omdat je dan constructief kan gaan werken en eigenlijk met een blanco sheet kan starten. Nu, het is wel zo dat als we te laat komen – te laat, het is nooit te laat om het allemaal recht te trekken – maar als er toch al wat spanningen zijn in de familie, dan is het natuurlijk veel moeilijker om eerst al die neuzen in dezelfde richting te zien te krijgen om te kunnen starten.

[06:17] De rol van een onafhankelijke externe partij
Bavo Boutsen: En is het zo dat er over het algemeen een gevoel is dat mensen dat graag met een externe gaan bespreken, dat jullie er graag worden bijgenomen? Want het lijkt me op zekere zin ook een beetje taboe om dat met iemand anders te gaan doen.
Kurt Vannieuwenhuysen: Daar heb je honderd procent gelijk in, Bavo. Dat is inderdaad een stuk taboe. Je komt als een externe, als een derde partij. Je bent niet de vaste vertrouwenspersoon, zoals een accountant of de bankier van de ondernemer. En dan merk je wel dat het een extra stap is die ze moeten zetten om naar een onafhankelijk expert te gaan, om daar dan te zien: kijk, in welke mate hebben we echt die hulp nodig? We hebben dat ook gemerkt in het begin, toen wij aan klanten getuigenissen vroegen, dat dat heel moeilijk lag. Mensen hadden bepaalde gêne om te moeten toegeven dat het zelf niet gelukt was. En dat vind ik eigenlijk wel jammer. Dus daarom dat ik heel dankbaar ben dat Stijn hier vandaag zit van The Chickenman. Dat was inderdaad een heel mooi traject. Er zijn zaken naar boven gekomen doordat de kinderen worden betrokken in die gesprekken. En daar zijn ook een aantal zaken die moeten uitgepraat worden. Dat is natuurlijk net het mooie daaraan, omdat je op een bepaald moment zegt: kijk, we gaan geen moeilijke vragen uit de weg. En die gesprekken gebeuren soms niet aan de keukentafel, omdat ze te moeilijk zijn. Dan kunnen we natuurlijk als een derde onafhankelijke partij wel gaan zeggen: kijk, ja, wij gaan die gesprekken voeren. Een beetje een soort moderatorfunctie, waarbij je kan zeggen: we gaan het gesprek voeren en de emotie eruit filteren.
Bavo Boutsen: Dat is eigenlijk jullie rol als externe? En net daarom is het externe waardevol, denk ik, om die emotie te kunnen opvangen.
Kurt Vannieuwenhuysen: Ja, uiteraard. Het is die emotie die we er echt kunnen gaan uitfilteren en we gaan het altijd in het belang van de familie zien te doen. Hetgeen dat het ons gemakkelijk maakt om… We hebben eigenlijk maar één doel: het familiebedrijf. De familie is ons doel, om te zorgen dat die geholpen wordt. Dat het eigenlijk wordt overgedragen op lange termijn, dat het succesvol blijft. En dat is eigenlijk het leuke aan de job ook. Dat we zien hoe bedrijven, maar ook de families, naar elkaar toe groeien. We laten de families groeien naar elkaar, maar ook de familiebedrijven groeien. Wij vinden ook dat het DNA van een familiebedrijf is dat er eigenlijk altijd een groeitraject is, want elke generatie brengt nieuwigheden aan en brengt kennis aan. De oude generatie heeft uiteraard zijn ervaring, maar de jonge generatie heeft ook kennis en is soms met nieuwe zaken, nieuwe technische zaken – denk alles maar rond AI – veel sneller mee aan de slag. En het is net dat wat het familiebedrijf uniek maakt. Elke generatie doet het bedrijf verder groeien, omdat ze altijd kennis bijbrengen.

[09:25] Een nieuwe generatie met een nieuwe blik
Bavo Boutsen: Herkenbaar? Het idee van: de nieuwe generatie brengt alweer een nieuwe blik, een nieuw perspectief en dus groei?
Stijn Ameye: Ja, sowieso. Zeker als je dan gaat kijken naar sociale media. Mijn zoon noemt me soms een dinosaurus als het over zo’n dingen gaat. Maar inderdaad, die mannen zijn er veel sneller mee weg. En die kunnen daar inderdaad… Zij hebben ook een ander doelpubliek. Ik ga niet op TikTok filmpjes gaan maken. Voor hen is dat dagelijkse kost. Dus zij hebben daar inderdaad een stap voor.

[09:56] De waarde van het traject
Bavo Boutsen: En los van die marketing, dat traject dat jullie gelopen hebben naar dat familiecharter heeft ongeveer een jaar geduurd. Als we dat even overlopen, hoe kijken jullie vandaag terug op die ervaring? Of wat is het waardevolste geweest aan dat traject?
Stijn Ameye: Het waardevolste zijn eigenlijk een heleboel heel kleine dingen die ervoor zorgen dat dat zeer waardevol is. Een van de voorbeelden is bijvoorbeeld de schoonfamilie. Ik heb daarnet gezegd: mijn vrouw komt ook uit een ondernemersfamilie. Daar was ik de schoonfamilie en ik stond er helemaal buiten. En ik vond ook dat het mijn taak was om daar helemaal buiten te staan, dat ik daar niks mee te maken had. Nu, van Kurt heb ik wel geleerd dat die schoonfamilie juist heel belangrijk is. Als je man zeven op zeven gaat werken, tien uur per dag, dan moet je ook wel verwachten dat hij er mee achter staat. Als je die er dan gaat bij betrekken in een familieraad of eender wat, dan is die ook betrokken, dan voelt hij zich betrokken en heeft hij daar minder problemen mee. En dat zijn zo van die kleine details die mijn ogen hebben opengetrokken, ook voor de kinderen later. Een van de twee zit ook in een relatie. Daar wordt open over gepraat, in de toekomst al.

[11:07] Afspraken voor toekomstige generaties
Bavo Boutsen: Dus dat heeft uiteindelijk geleid tot een charter waarin dat allemaal wordt vastgelegd. Als je nu naar dat resultaat kijkt, wat er nu ligt, staan daar dingen in die je nooit had voorzien dat dat daar überhaupt zou kunnen instaan toen we eraan begonnen?
Stijn Ameye: Ja, inderdaad. Zeker alles naar familieraden en zo toe. Vastgelegd de manier waarop bijvoorbeeld extra familieleden, neven, nichten, in het bedrijf gaan betrokken worden. Dat zijn allemaal dingen: je denkt daar nu niet over na, maar nu staat dat vast. En dan is er geen discussie over hoe die worden betrokken in het bedrijf, waar beginnen die, welke verloningen. Dat staat allemaal vast en dat geeft gewoon een enorme gemoedsrust om het echt in de familie, als familiebedrijf, groot te maken.
Bavo Boutsen: Maar dus het gaat om veel meer dan puur zakelijke afspraken.
Stijn Ameye: Ja, tuurlijk, zeker.

[11:54] Het familiecharter als grondwet van de familie
Bavo Boutsen: Als we dat misschien algemener bekijken: wat is volgens jullie dan, als experten daarin, de functie van een familiecharter? Hoe moeten we dat begrijpen?
Kurt Vannieuwenhuysen: Het familiecharter is eigenlijk de grondwet van de familie, in die mate dat we alles bespreekbaar maken. En het is dankzij de moeilijke vragen die gesteld worden, die anders misschien gewoon worden verzwegen, dat er heel wat duidelijkheid ontstaat. We gaan heel wat duidelijke afspraken maken binnen de familie, in het belang van het familiebedrijf. En daar gaat het charter eigenlijk voor zorgen: dat iedereen weet wat de verwachtingen zijn van elkaar. En dat kan heel uitgebreid gaan. Bij ons omvat een charter 24 hoofdstukken, dus vrij uitgebreid. Ik vind dat ook belangrijk. En bijvoorbeeld iets wat er altijd bij komt, is, zoals Stijn net aanhaalt: kijk, wat is het belang van de schoonfamilie? Mogen zij participeren of niet? In welke mate kan dat? Kunnen zij een functie krijgen in het familiebedrijf of niet? En wat zijn de voorwaarden? Welk proces wordt er doorlopen als bijvoorbeeld een familielid – dat kan schoonfamilie zijn, kan een bloedverwant zijn – en een derde persoon voor dezelfde job gaan solliciteren? Wel, dat proces wordt volledig uitgeschreven in dat familiaal charter. En dan zijn al die verwachtingen uitgesproken. Als men dan ooit aan dat punt komt, dan kan er ook geen discussie ontstaan. Want het is destijds, als er nog geen discussie was, allemaal netjes uitgesproken.

[13:26] Het proces is belangrijker dan het document
Bavo Boutsen: En dat lijkt me zoiets waarbij het proces om dat te doen minstens even waardevol is als het uiteindelijke resultaat. Het resultaat is heel belangrijk, dat hebben we al gezegd. Maar waarom is dat proces daarin ook minstens even belangrijk?
Kurt Vannieuwenhuysen: Het proces is eigenlijk veel belangrijker dan het charter op zich. Het charter is eigenlijk het slotstuk, dat is de uitkomst. Maar het proces is veel belangrijker omdat we net die belangrijke en soms moeilijke vragen durven op tafel te zetten. We gaan ervoor zorgen dat door bepaalde zaken aan te kaarten, die ook uitgesproken worden. En dat is net de kracht van dat charter. En we merken in families dat bepaalde onderwerpen gewoon worden verzwegen uit angst voor conflict. En dan ben je natuurlijk wel nog verder van huis, want ooit komt het dan toch tot een bepaald punt dat dat moet besproken worden. En dan zijn er heel dikwijls conflictsituaties. Vandaar: bezint eer ge begint. Dat is eigenlijk een beetje het motto van het charter.

[14:33] Vertrouwen tussen de generaties
Bavo Boutsen: En een belangrijke bouwsteen in dit alles lijkt me vertrouwen. Vertrouwen van de ondernemer naar de volgende generatie en omgekeerd. Is dat iets waar jullie aan hebben moeten bouwen, Stijn, om dat vertrouwen te creëren in de volgende generatie?
Stijn Ameye: Dat vertrouwen is… Ik denk dat dat ook iets is dat ze gaan moeten verdienen. Maar dit is een perfecte leidraad waar zowel zij, de volgende generatie, en de huidige generatie zich aan kunnen houden, omdat met wederzijds respect zoiets moet verdiend worden. Ik kan nu niet zeggen: die mannen gaan dat perfect doen. Het is het begin van het verhaal. Maar we hebben nu wel een perfecte leidraad waar zij zich moeten aanhouden, maar ook waar ik mij moet aanhouden. Ik ben ook niet de alziende pater familias die gaat beslissen: het moet allemaal zo gebeuren. Het is in samenspraak gebeurd. Zij hebben er ook inspraak in gehad. En dat is iets dat vroeger dikwijls helemaal anders gebeurde. Dat de pater familias alles besliste: de kinderen moesten maar volgen en ooit krijg je de zaak. En dan, na veertig jaar, zitten ze nog te werken, de oude zit nog altijd op zijn bureau op zijn tachtigste, maar laat niet los. Die dingen zijn bij ons bepaald. Dus de volgende generatie heeft daar ook vertrouwen in dat dat gaat gebeuren. En dat maakt het heel belangrijk, denk ik.

[15:48] De generatiekloof
Bavo Boutsen: En hebben jullie gemerkt in dat traject dat er een soort verschillend verwachtingspatroon is? Want ergens is er ook een soort generatieconflict. Of ergens is dat bijna onvermijdelijk, dat de generaties anders kijken naar dat soort dingen?
Stijn Ameye: Ja, dat toch wel. En zeker nu dat de mannen mee in de zaak zijn gekomen, merk je die generatiekloof heel hard op. En dat is echt wel iets waar aan gewerkt moet worden, en waar nog veel aan gewerkt moet worden. Maar die generatiekloof, ik denk dat dat er met elke generatie is. Wij klaagden toen ook over onze ouders. Ik denk dat dat altijd van elke generatie is. En ik vind van mezelf dat ik modern ben, maar mijn kinderen vinden dat waarschijnlijk weer niet. En daarom is die leidraad er om het nog iets makkelijker te maken om die generatiekloof toch wat op te vangen.
Bavo Boutsen: Waar merk je dat ze anders naar dat soort dingen kijken? Iets waarin dat heel concreet wordt?
Stijn Ameye: Die werkethiek die wij vroeger hadden, die zit er momenteel nog niet in.
Bavo Boutsen: Dat is zeer cliché bevestigd, maar dus dat klopt wel.
Stijn Ameye: Dat is echt wel, ja. De huidige generatie, dat opstaan en de verantwoordelijkheid van: ja, het komt allemaal wel goed. Ik heb er ook wel vertrouwen in. Ik praat veel met andere ondernemers ook. Ook met iemand die net van zijn vader heeft overgenomen. Hoe was dat bij jou? Want jij zit nu aan de andere kant van mijn zonen. Hoe was dat bij jou? Ben je er ook direct beginnen in te vliegen in die zaak? Die eerste zeven jaar heb ik niks anders dan ambras gehad met mijn vader, omdat ik niks deed en ik was lui en ik stond niet op. En plotseling is die klik daar gekomen en heb ik die drive gevonden. Dus ik heb wel alle vertrouwen dat dat er ook gaat komen. Maar ja, ze zijn ook nog heel jong en dat komt wel.

[17:39] Werkethiek en ruimte om fouten te maken
Bavo Boutsen: Dit lijkt me ook een beetje een textbookcase. Klopt dat? Dat dat wel vaker terugkomt: generatiebotsingen, een andere manier waarop ze naar werk kijken, hoe ze daarover nadenken.
Kurt Vannieuwenhuysen: Dat is een open deur intrappen, dat is evident. Je merkt dat constant en dat heeft soms te maken met de leeftijd, maar niet altijd. Dat kan zijn dat het zelfs doorloopt naar prille dertigers, om die werkethiek of die passie voor die job toch als een vuur te hebben, dat dat blijft branden. En ik merk dat dat heel veel afhangt, enerzijds van de opvoeding die er is geweest, maar anderzijds ook in het algemeen. Ik denk dat dat een beetje de tijd van de generatie is die zegt: kijk, die work-life balance moet anders.
Bavo Boutsen: Anders dan bij de vorige.
Kurt Vannieuwenhuysen: Anders. Maar ja, eigenlijk een work-life balance, dat bestaat niet volgens mij. Dat is een woord dat is uitgevonden. Work, life… Ja, als je werk je passie is, dan ga je daarvoor als ondernemer. Nu, dat is misschien een andere discussie, van hoe ze daarmee omgaan. Maar ik denk dat het heel belangrijk is dat die jonge garde wordt gewaardeerd voor hun sterktes. En het is niet evident om die verwachtingen allemaal op dezelfde lijn te krijgen. En het gaat inderdaad soms over stiptheid of over respect en zo verder. En het zit soms in kleine dingen. Maar ik ben altijd zo’n beetje een voorstander van het beste in iemand te zien en dat te accentueren en dat te stimuleren en te enthousiasmeren. En de andere puntjes moeten we er natuurlijk wel een beetje bij pakken. Ik ben nogal een voorstander van hen te laten aanvoelen door ze zelf tegen de muur te laten lopen, figuurlijk dan, als hun gedrag eigenlijk niet door de beugel kan. En dat is ook iets dat we heel dikwijls in familiebedrijven vaststellen: ouders zijn bang om hun kinderen fouten te laten maken als het geld gaat kosten. En als je kind een fout laat maken, dan gaat hij dat veel gemakkelijker onthouden. Denk maar aan papa of mama die je als kleine met de fiets leert rijden. Die moet ook eens vallen.
Bavo Boutsen: Die moet ook eens vallen.
Kurt Vannieuwenhuysen: Die moet ook eens vallen. En dan ga je zeggen: kom, een plakkertje op het beentje en we zijn terug weg. Als je hem of haar altijd recht houdt, dan zitten ze in een veilige comfortzone. Dan blijven ze nog altijd vallen als je ze loslaat. En we merken in familiebedrijven heel dikwijls dat er toch altijd op het laatste wordt ingegrepen door de ouder, want anders gaat het ons geld kosten. Maar dan heb je een bepaalde zekerheid die je geeft aan de kinderen: ja, we mogen een keer een fout maken, maar ze gaan het toch wel met de mantel der liefde bedekken, want het kost je niks. En dat is eigenlijk niet… Je moet ze even tegen de muur laten lopen en ze moeten het ook even kunnen voelen. En dat hoeft daarom niet financieel te zijn, maar dat kan een financiële penaliteit zijn. Maar dat kan ook bijvoorbeeld zijn dat in de groep, in een team, duidelijk met de vinger wordt gewezen: kijk, makker, je bent echt wel fout geweest. En dat zijn zaken die we echt stimuleren in onze adviestrajecten: kijk, laat ze die fout maken. Dat ze echt fout zijn en ze gaan veel sneller vooruitgaan.

[21:18] Is ondernemerschap meetbaar?
Bavo Boutsen: Want ondernemerschap, we zeggen het eigenlijk een beetje, is iets wat moet ontwikkelen. Dat moet groeien in jezelf. Kun je testen of het potentieel er is? Is dat meetbaar in zekere zin?
Kurt Vannieuwenhuysen: Ondernemerschap op zich kan je moeilijk gaan meten, denk ik wel. Ik denk wel dat je de bereidwilligheid gaat onderzoeken. Ondernemerschap, ik denk dat het altijd een stukje in jou moet zitten. Je kan het wel wat aanwakkeren, je kan het wel wat enthousiasmeren en stimuleren. Het is moeilijk meetbaar. Wat we wel hebben, is bijvoorbeeld: ik heb mijn 3B-test ontwikkeld, waarbij we duidelijk gaan onderzoeken of de volgende generatie bereid is, betrokken en bekwaam is. Dat is een test die we hebben uitgedokterd op basis van dertig jaar ervaring. We gaan dikwijls dezelfde vraag stellen, maar op een andere manier, om echt te onderzoeken: op welke manier zijn die volgende generaties echt bereid om het verder te zetten? Zijn ze voldoende betrokken en zijn ze ook bekwaam?

[22:29] Het charter als levend werkdocument
Bavo Boutsen: Oké, ik denk als we terug naar het verhaal van The Chickenman gaan: we hebben gezegd, het familiecharter is er. Dat is een traject van een jaar of zo ongeveer, dat ligt er nu. Dat is één ding natuurlijk. En dan is de volgende stap: hoe zorg je ervoor dat die afspraken die zijn vastgelegd in realiteit komen, dat dat leeft, dat dat verder gaat? Hoe loopt die stap?
Stijn Ameye: Het belangrijkste daarin is dat we officieel het charter ondertekend hebben. Dus we zijn een aantal keer samengekomen en hebben het een aantal keer met iedereen doorgelezen. Dan is er een officiële lezing geweest, dan teken je het charter. Op dat moment hebben wij ook een afspraak gemaakt en in een agenda een punt gezet van: kijk, dan komen we al de eerste keer terug samen.
Bavo Boutsen: Dus meteen al?
Stijn Ameye: Meteen al. Dan is die datum echt vastgelegd van: kijk, dan gaan we terug samenkomen en dan bekijken we dat charter terug. Oké, je kunt zeggen dat het een grondwet is, maar het is wel een grondwet die continu aangepast wordt. Je bedrijf evolueert, het gezin evolueert, de familie evolueert, alles rondom, de economie evolueert. Dat charter is geen vaststaand feit, dat is een leidraad. Dus dat kan continu aangepast worden. En die momenten van dat aanpassen staan sowieso vast, zodanig dat we daar ook aan gaan werken, dat je het elke keer terug leest, dat je er terug aan herinnerd wordt. En op die manier ga je er ook mee werken.
Bavo Boutsen: Dus het is zeker geen document dat nu ergens in een kast ligt en waar nooit naar gekeken wordt.
Stijn Ameye: Het is in principe een werkdocument.
Bavo Boutsen: En dat hoort het ook te zijn.
Stijn Ameye: Dat hoort het ook te zijn, ja, zeker.
Bavo Boutsen: Dat klopt met de filosofie van Family First, vermoed ik, want jullie hebben het begeleid.
Kurt Vannieuwenhuysen: Uiteraard. Dat klopt volledig. Ik kan hem zeker niet tegenspreken.

[24:05] Het Family Forum
Bavo Boutsen: En in die context van het proberen te doen leven van dat document hebben jullie ook een tweede soort orgaan in het leven geroepen, of proberen jullie daarop in te zetten, namelijk het Family Forum.
Kurt Vannieuwenhuysen: Ja, klopt.
Bavo Boutsen: Hoe moeten we dat begrijpen? Wat is dat juist?
Kurt Vannieuwenhuysen: Het Family Forum is iets dat we aanbieden aan onze klanten om één tot maximum twee keer per jaar samen te komen. En het Family Forum is bedoeld om niet alleen de actieve familieleden, maar ook de niet-actieve familieleden te gaan betrekken bij het bedrijfsleven, bij hetgeen dat gebeurt binnen het familiebedrijf. En we gaan dat meestal zelf begeleiden, zodat we kunnen zeggen: kijk, we gaan de juiste vragen en de juiste voorstellingen geven aan iedereen die aanwezig is. We maken daar ook een leuk moment van. Er wordt informatie gedeeld. Het is ook een Q&A, zodat mensen die betrokken zijn binnen de familie, maar toch niet actief werken in het familiebedrijf, tenminste de kans krijgen om bepaalde vragen te stellen. Om te zien waar mijn man of mijn vrouw nu elke dag aan het werken is. Wat zijn de vooruitzichten? Dat geheel.
Bavo Boutsen: Het is een beetje vooral ook de familierelaties bovenop de onderneming zelf.
Kurt Vannieuwenhuysen: Ja. Family First.
Bavo Boutsen: Klinkt dat herkenbaar?
Stijn Ameye: Ja, zeker. Als je aan de werktafel niet overeenkomt, dan gaat het aan de familietafel ook niet lukken. Dat is vice versa. Als het ene niet werkt, werkt het andere niet. Dus die beide relaties zijn gewoon heel belangrijk om te onderhouden. En daarom is het inderdaad niet alleen zakelijk, maar dat alles errond is. En daarom is dat Family Forum zeer belangrijk.

[25:49] Werk en familie van elkaar scheiden
Bavo Boutsen: En is het Family Forum in jullie geval al opgestart of hebben jullie plannen?
Stijn Ameye: Nu, volgende week eigenlijk de eerste samenkomst. Dat stond zo gepland. En dan komt de eerste natuurlijk. We hebben nog maar één schoondochter die erbij zit, dus dat is nog niet zeer uitgebreid. Maar we hopen dat dat binnenkort verder uitbreidt. We hebben goede hoop. Maar ja, ik hoop dat we binnen een aantal jaren, binnen een aantal generaties, met heel veel aan dat Family Forum zitten, dat dat een leuke bende wordt.
Bavo Boutsen: Familie te zijn en niet alleen maar ondernemers in hetzelfde bedrijf te zijn, dat lijkt me een extra uitdaging.
Stijn Ameye: Momenteel is dat nog te veel gemengd. Je hebt inderdaad die work-life, maar momenteel is bij ons alles gemengd. Er wordt tussen de soep en de patatten continu over de zaak gepraat. En dat is een van de puntjes die we op het Family Forum nu wel eens gaan zeggen: kijk, wanneer wordt er wel over de zaak gepraat, wanneer niet? Dat gaan we nu ook een keer stilletjes aan vastleggen om een beetje innerlijke rust te kunnen hebben, om een keer momenten te kunnen zeggen van: oké, we gaan wel samenkomen, maar alleen over familiezaken praten en niet over de zaak nu. We zitten met het gezin in de zaak, dus het is logisch dat er continu over wordt gepraat. Maar eigenlijk zouden we daar graag toch een beetje scheiding in hebben.

[27:12] De plaats van Family First naast andere adviseurs
Bavo Boutsen: Voilà, dus het lijkt me een mooie illustratie van het verhaal dat het constant moet leven en dat dat een werk is van lange adem. Als we misschien nog teruggaan naar het Family First-begeleidingsverhaal: ik denk, een familiebedrijf op zich heeft sowieso al heel veel adviseurs. Denk aan een accountant, een bankier, een advocaat, die hen bijstaan om hun dingen te kunnen doen. Als we dat in heel algemene termen vragen, wat is jullie rol daarin? Wat voegen jullie toe dat al die mensen nog niet geven aan dat bedrijf of kunnen geven?
Kurt Vannieuwenhuysen: Wel, we hebben die vraag uiteraard al heel veel gekregen. En het antwoord is eigenlijk heel duidelijk dat wij niemand vervangen. Dat zijn allemaal vertrouwenspersonen die jaren, soms decennialang, al vertrouwenspersoon zijn van het familiebedrijf. Wij gaan die zeker niet gaan vervangen. Maar net wij gaan voor de verbinding zorgen. Iedereen zit rond de tafel en er blijft altijd wel één stoel leeg staan, namelijk diegene die de familie gaat vertegenwoordigen. En het is op dat kruispunt, waarbij iedereen zijn adviezen geeft, dat wij gaan zorgen dat alles op een onafhankelijke manier in de juiste banen wordt gestuurd richting de familie. Soms merken we dat er bepaalde adviezen versnipperd worden over verschillende kantoren, zijnde de bankier, zijnde de accountant, zijnde de advocaat. Tijdens ons traject gaan we met dat advies dan samen aan de slag om de familie eigenlijk opnieuw te laten groeien. En dat is net het grote verschil. Het is dankzij onze tussenkomst dat de boekhouder eigenlijk meer met zijn cijfers kan werken, omdat hij de verhalen erachter ook kent. Het is ook dankzij onze tussenkomst dat bijvoorbeeld de advocaat zijn contracten beter kan opmaken, want alles is al duidelijk uitgepraat. En de bankier kan met veel meer vertrouwen de lening van de eventuele overname gaan financieren, want hij weet dat er continuïteit is binnen het familiebedrijf dankzij onze tussenkomst.

[29:13] Een vak apart
Bavo Boutsen: Nu, dat klinkt natuurlijk mooi op papier, denk ik, maar zien die andere adviseurs jullie graag komen? Of zien ze jullie altijd graag komen, in alle gevallen? Dat lijkt me moeilijk.
Kurt Vannieuwenhuysen: Nee, niet altijd. We merken dat ze soms nogal heel beschermend zijn over hun klant, wat ook begrijpelijk is. We merken ook wel dat sommigen zeggen: kijk, we kunnen dat misschien wel beter zelf doen. Nu, ik ben zelf accountant geweest en belastingconsulent. Ik heb dat 25 jaar gedaan. En ik heb vanuit die ervaring wel gemerkt: ja, eigenlijk, zoals een accountant een vak op zich is en een bankier een vak op zich is, is de overdracht van een familiebedrijf ook een vak op zich. Dat is niet zoiets dat men er maar gewoon kan bijnemen. Dat is echt een expertise, vind ik persoonlijk, die je erbij moet nemen. Bij ons is dat de full focus. We zijn met die zaken bezig en we zijn met een ploeg van tien mensen, dus we weten wel wat we doen. Dus het is echt wel degelijk een vak apart. Dat is toch mijn overtuiging.
Stijn Ameye: Ik merk ook bij Family First dat er gepraat wordt vanuit het DNA van de familie. Terwijl een advocaat zijn vakgebied heeft. Die gaat zijn zaak verdedigen op het wettelijke vlak, maar die bekijkt dat niet vanuit het DNA van de familie. Eigenlijk wordt in een family charter echt gekeken: dit is het DNA. Wij werken volgens deze procedures binnen de familie. Dat als een advocaat een bepaalde stap neemt, of iemand anders, dat dat volgens het DNA gebeurt van de familie, van het bedrijf, dat je dat volgt.

[30:42] Advies in lijn met het DNA van de familie
Bavo Boutsen: Dus merken jullie in de praktijk inderdaad dat die andere adviseurs hun job eigenlijk beter kunnen invullen dankzij de ondersteuning van Family First?
Stijn Ameye: Ik ga zeggen: daarom niet beter, maar wel in de richting dat jij wil. Want natuurlijk is het heel gemakkelijk om een advocaat over u te laten lopen, want het is zijn vakgebied en die gaat zeggen: nee, het moet zo, het moet zo. Maar wat het DNA van uw bedrijf is in de toekomst, dat weet jij wel. En als dat dan vastligt van: nee, ik wil die weg op, dat is waar het familiebedrijf naartoe gaat, dan ga je u ook gewoon soms minder laten doen.
Bavo Boutsen: Dus het is ook voor jezelf om sterker te staan.
Stijn Ameye: Ja, zeker.

[31:21] Family First als familiebedrijf
Kurt Vannieuwenhuysen: Het is ook belangrijk toch wel mee te geven dat ik zelf ondernemer ben. Ik zit al dertig jaar in ondernemerschap, maar we zijn ook een familiebedrijf. Mijn zonen zitten ook in de zaak. Dus ik zit elke dag op dat kruispunt tussen familie en familiebedrijf. Daarnet zegt Stijn: het is soms moeilijk om een keer een moment te hebben dat er niet over de zaak wordt gesproken. Ik bewaak dat heel sterk en ik merk zelfs dat ik soms mijn zonen moet tegenhouden tijdens de lunch of tijdens de zondagmiddag. Jongens, nu even niet. Ze zijn soms zo gedreven dat ze maar blijven gaan van: papa dit, papa dat en we gaan dat doen. Ik zeg: jongens, even niet. Het is heel leuk, het is heel tof, maar we doen dat op het werk. Wat ik dan bijvoorbeeld wel doe, is dat ik zeg: kijk, ik ben nog altijd een Bourgondiër, dat zie je ook aan mij. Of ze doen dat zelf, ze plannen dat in mijn agenda in, om een keer samen te gaan lunchen.
Bavo Boutsen: En dan specifiek wel?
Kurt Vannieuwenhuysen: En dan gaan we inderdaad, en dat doen ze ongeveer om de vijf, zes weken, zie ik dat dat gepland staat. Of ik zeg zelf: kijk, jongens, het is een keer het moment. En dan gaan we gewoon samen lunchen met alle twee, of soms met één van de twee, afhankelijk van hetgeen dat ze willen bespreken. En dan gaan we echt in de diepte spreken over hun positie binnen het familiebedrijf. En dat vind ik wel heel waardevol. Natuurlijk, ik weet hoe dat het moet, maar dat is wat je ook wil meegeven. Het is mijn vakgebied natuurlijk. Het is mijn vakgebied, dus practice what you preach. Maar dat wil ik zeker meegeven. Je moet dat echt zien te kaderen, dat moment. Dus plan dat in.
Stijn Ameye: Een goede tip.
Kurt Vannieuwenhuysen: Ga er weer iets mee doen. Ga er eens een kipje mee eten.
Bavo Boutsen: Nee, dat mag hij niet eten, hij is allergisch.

[32:59] Terugblik op het traject
Bavo Boutsen: Oké, we moeten bijna afronden, maar misschien nog even terugkijkend op jullie verhaal van The Chickenman van het afgelopen jaar. Wat is zo’n moment dat u altijd zal bijblijven van het hele traject dat is doorlopen?
Stijn Ameye: Wat dat voor mij was… Ja, Kurt is eigenlijk in het begin van het traject apart met de kinderen aan het praten en daar zijn dingen bovengekomen die ik niet verwacht had. Onder andere ook de interesse die ze in de zaak hadden. En dat zijn dingen die dan als vader… dat je dan toch even denkt van: goh, ik heb het toch goed gedaan. Van alle twee kwam de vraag om in de zaak te komen. Ja, dat doet je toch wel iets.
Bavo Boutsen: En dat was eigenlijk het begin van alles.
Stijn Ameye: Inderdaad. [33:45] Advies aan andere familiebedrijven
Bavo Boutsen: Als je nog één advies zou moeten geven aan een familiaal ondernemer die nadenkt over het opzetten van zo’n traject, wat zou het zijn?
Kurt Vannieuwenhuysen: Ga die moeilijke vragen niet uit de weg en spreek met elkaar.

Heeft u vragen over dit artikel, project of product?

Neem dan rechtstreeks contact op met Family First.

Family First 3 Contact opnemen

Stel je vraag over dit artikel, project of product?

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Family First 4 Telefoonnummer 053644700 E-mailadres info@familyfirst.be Website familyfirst.be/

Gerelateerde podcasts

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Stuur ons een bericht

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten