“Door van oud nieuw te maken, creëren we ruimte voor de toekomst”
Zuid-West-Vlaanderen staat bekend om zijn ondernemersmentaliteit. Het is de regio van doeners, waar ideeën snel omgezet worden in actie. Streekintercommunale Leiedal versterkt dat DNA al decennia lang en helpt bedrijven, overheden en burgers om de regio aantrekkelijk te houden als plek waar het aangenaam wonen, werken en leven is. Omdat ruimte almaar schaarser wordt, kiest Leiedal resoluut voor reconversie.
De bouwshift moet ervoor zorgen dat er tegen 2040 geen bijkomende open ruimte meer wordt ingenomen in Vlaanderen. Een ambitie die in Zuid-West-Vlaanderen, waar de ruimte nu al zeer beperkt is, extra voelbaar is. “Het is noodzakelijk dat we het bijkomende ruimtebeslag fors beperken”, zegt algemeen directeur van Leiedal Filip Vanhaverbeke. “Daarom promoten wij hergebruik en reconversie van bestaande bedrijventerreinen of verouderde gebouwen in plaats van nieuwe uitbreidingsgebieden te ontwikkelen. Tegelijk willen we vooruitkijken en de lat hoog leggen. Als we bedrijventerreinen herontwikkelen, streven we ernaar om 15 à 20% van de grond te ontharden en vergroenen.”

De streekintercommunale gelooft sterk in de kracht van reconversie. Een mooi voorbeeld hiervan is de site Treurniet in Bavikhove. “Samen met de stad Harelbeke hebben we de verouderde Isocab-locatie getransformeerd naar een moderne kmo-zone met percelen tot 5.000 m²”, vertelt Steven Vanassche, coördinator publieke projectontwikkeling. Naast gedeelde voorzieningen zoals een waterbufferbekken en een gemeenschappelijke parking, gaat in dit project veel aandacht naar de leefbaarheid en integratie in de omgeving. “Door de Paddebeek open te leggen, groenbuffers te creëren, trage wegen te voorzien en een aparte ontsluiting te maken om de verkeershinder te beperken, creëren we een buurt waar ondernemen en wonen elkaar versterken.”
Ook de voormalige betonproductiesite De Voerman in Anzegem kreeg een tweede leven. “Samen met de gemeente hebben we er een verpauperd industrieterrein herontwikkeld tot een uiterst duurzame zone met zowel bedrijfsruimte als woongelegenheid”, gaat Vanassche verder. Opvallend in dit project is de aanleg van een gasloze wijk met warmtenet, waarbij de warmte uit de drinkwaterleiding wordt gehaald. “Het systeem is volledig fossielvrij en moet een rolmodel zijn voor duurzame wijkontwikkeling in Vlaanderen.”

Bij dit en andere reconversieprojecten denkt Leiedal dus steeds verder dan de pure herbestemming. “Op Blauwpoort in Waregem bijvoorbeeld behouden we historische elementen, maar gaan we tegelijk voor een waterneutraal ontwerp, met groene corridors, een ruim wandel- en fietsroutenetwerk, glasvezel en collectieve diensten”, verduidelijkt Vanassche.
Van bij de lancering was de belangstelling in dit project groot. “De vraag is veel groter dan het aanbod. Daarom hanteren we een aantal selectiecriteria, waarbij we niet enkel rekening houden met regionale verankering en tewerkstelling, maar ook kijken naar de wil bij de bedrijven om mee te gaan in de transitie naar duurzaam ondernemen. Daarin begeleiden we hen ook actief.”
Ook bij de ontwikkeling van het Evolis II businesspark in Kortrijk legt Leiedal de lat hoog, met nadruk op kwalitatieve publieke ruimte, collectieve voorzieningen en een sterke landschappelijke integratie. De eerste bedrijven worden er in 2027 verwacht. “Je ziet het aan alles: Zuid-West-Vlaanderen is in volle evolutie en Leiedal wil een regierol opnemen: met en voor lokale besturen, bedrijven én burgers. Door volop te kiezen voor herbestemming zorgen we dat onze regio duurzaam ontwikkeld wordt en klaar is voor de toekomst”, besluit Filip Vanhaverbeke.